You are here

Geschiedenis Podiumtechnieken

De geschiedenis van de podiumtechnieken is weinig onderzocht en gearchiveerd. De snelle evolutie van de technologie en de meer bedrijfsmatige aanpak van de openbare besturen en gezelschappen maken dat een generatie apparatuur nog 10 à 15 jaar beslaat. De organisaties zijn zich veelal niet bewust van het belang van de apparatuur binnen hun productieprocessen. De grootte van de toestellen maakt dat deze niet lang bewaard blijven. Bovendien zijn de getuigen die deze hele evolutie hebben meegemaakt stilaan aan het verdwijnen. Naast het belang van de technologische evolutie op zich is het beschrijven van de technische geschiedenis noodzakelijk om voorstellingen te kunnen reconstrueren. Zonder technische en organisatorische context kan het scènebeeld niet worden bestudeerd.

Dit onderzoeksproject ontwikkelt methodieken en hulpmiddelen voor het omschrijven en archiveren van de technische geschiedenis van het theater. Op deze manier gaan ook een aantal mijlpalen in de Vlaamse geschiedenis verloren. Het gaat dan zowel om fysieke getuigen (toestellen, documentatie, werkmethode) als om getuigenissen van beroepsbeoefenaars die deze periode hebben meegemaakt. 

Er is zo goed als geen onderzoek naar de recente geschiedenis van de podiumtechnieken. Er zijn wel een aantal diverse initiatieven rond de geschiedenis van de technologie:

  • In Groot-Brittannië heeft de  ABTT History commission, samen met de Theatre Trust, een beperkte reeks normen uitgewerkt voor installaties binnen beschermde gebouwen. De University of Exeter bewaart in het Strand Archive de geschiedenis van de Strand Lighting group.
  • In Nederland loopt een project rond de mondelinge geschiedenis.
  • In de Verenigde Staten voert USITT een project uit rond mondelinge geschiedenis, Michael Ramsour van Standford University verzamelt getuigenissen en historische documenten.
  • In Zweden is op individueel initiatief een opslag in een schuur opgezet, zonder dat de collectie geïnventariseerd is.
  • In Israël is er een belichtingsmuseum met een degelijk uitgewerkte collectie.
  • Binnen de UA in België is een onderzoek gevoerd naar theatergebouwen tussen 1610 en 1762, zonder echter de technologie in kaart te brengen.
  • Kleinschalige initiatieven - zoals een  kleinschalige tentoonstelling in de Stadsschouwburg Brugge, de educatieve tentoonstelling van de Munt en de vele individuele technici die in kelders, op zolders van theaters, in magazijnen materiaal bewaren - hebben meestal geen geschiedkundige basis en worden eerder uit nostalgie uitgevoerd.

Momenteel is de dringendste noodzaak het bewaren en vrijwaren zodat later onderzoek kan gedaan worden. Er zijn echter geen normen voor het bewaren / documenteren van podium-technische toestellen. We willen dan ook in de eerste plaats een antwoord geven op volgende vragen:

  • Wat moet bewaard worden?
  • Hoe ? In situ? In collectie? In deep storage?
  • Wat moet gedocumenteerd worden?
  • Hoe moet het gedocumenteerd worden?

In een volgende stap willen we onderzoeken hoe de informatie kan ontsloten worden. Het bruikbaar aanbieden voor onderzoekers, opleidingen, publiek is immers essentieel. Het ontwikkelen van een bruikbare taxonomie is daar een belangrijk onderdeel in.

Onderzoekers

  • Chris Van Goethem

Publicaties